Welt am Draht: De toekomst volgens Fassbinder

13/07/10 om 19:08 - Bijgewerkt om 19:08

Bron: Knack Focus

De filmontdekking van het jaar is een profetische en paranoïde sf-film van Rainer Werner Fassbinder uit 1973.

Welt am Draht: De toekomst volgens Fassbinder

Welt am Draht (1973)

Film: **** ~ Extra's: **

(Lumière)

Voor Fassbinderfans is deze zelden vertoonde en nu prachtig gerestaureerde tweedelige tv-film uit 1973 een dvd-uitgave om te koesteren. Op het eerste zicht is deze ruim tweehonderd minuten lange WDR-productie een buitenbeentje in het gigantische oeuvre van de in 1982 gestorven regisseur. Gebaseerd op de roman Simulacron-3 van de Amerikaanse auteur Daniel F. Galouye (1920-1976) speelt Welt am Draht zich af in een wereld uit de nabije toekomst, met als belangrijkste locatie het Instituut voor cybernetica en futurologie, waar researchers werken aan een programma dat de toekomstige ontwikkelingen op het gebied van economie, maatschappij en politiek exact kan voorspellen. Daartoe hebben de wetenschappers met het computersysteem Simulacron-I een parallelle wereld geschapen.

De protagonist Fred Stiller (Fassbindergetrouwe Klaus Löwitsch) is een wetenschapper die langzaam ontdekt dat zijn bestaan één grote computersimulatie is. De nu vergeten Galouye was duidelijk een geestesverwant van Philip K. Dick en met het verwarring zaaien tussen werkelijkheid en virtuele realiteit lijkt deze herontdekte Fassbinderfilm nu plotseling de voorloper van ddiens verfilmingen Blade Runner, Total Recall en Minority Report, maar ook van eXistenZ, Simone en The Matrix.

Behalve een oppervlakkige thematische verwantschap gelijkt Welt am Draht uiteindelijk langs geen kanten op al deze films, die - uitgezonderd Cronenbergs eXistenZ - hun filosofische en metafysische bespiegelingen laten domineren door spektakel, suspens, technologische snufjes en overrompelende (re)constructies van totalitaire Big Business modellen.

Ondanks het sf-jasje is Welt im Draht in de eerste plaats een onversneden Fassbinderprent, waarin paranoïde maatschappijkritiek en pure stijloefening hand in hand gaan. De geprogrammeerde en ontmenselijkte samenleving die Fassbinder hier opvoert, ligt helemaal in het verlengde van zijn sombere visie op de Duitse Bondsrepubliek in de door allerlei vormen van radicalisme geplaagde jaren 70. Fassbinder draaide zijn film op locatie in Parijs, München en Keulen en net als Jean-Luc Godard in Alphaville (1965) maakt hij gebruik van de onpersoonlijke modernistische architectuur die toen in vele Europese steden verrees om de kille, aseptische wereld van de toekomst te verbeelden.

Terwijl Godard die omgeving van glas en staal voor strak minimalistische stijlfiguren gebruikt, gaan Fassbinder en zijn cameraman Michael Ballhaus voluit de maniëristische en seventieskitscherige toer op. De concepten van wisselende realiteiten en de versmelting van mens en kunstmens worden niet in dialogen gedramatiseerd, maar in puur cinematografische termen geïnterpreteerd. De mise-en-scène speelt geraffineerd met weerkaatsingen, spiegelingen en ontdubbelingen.

Patrick Duynslaegher

Lees meer over:

Onze partners