Cannes: Recensie 'The Captive'

16/05/14 om 14:42 - Bijgewerkt om 14:42

Bron: Knack Focus

Atom Egoyan gaat de thrillertoer op met het spannende en stijlvolle maar gaandeweg alsmaar meer schizofrene en zelfs groteske The Captive.

Cannes: Recensie 'The Captive'

Velen hadden gehoopt dat Atom Egoyans terugkeer in de Cannescompetitie ook een terugkeer naar zijn vroegere vorm van Exotica (1992) en The Sweet Hereafter (1997) zou zijn, maar helaas blijkt dat enkel in strikt formele zin te kloppen.

Zijn kidnapthriller The Captive ziet er weliswaar akelig strak en beheerst uit, met Egoyans bekende, abstraherende en onderkoelde sfeertje en zijn trage, lijzige travellings. Alleen wordt het groezelige B-verhaal over een ontvoerd meisje dat in een kelder opgesloten zit en de flikken die naar haar speuren gaandeweg alsmaar verknipter, letterlijk én figuurlijk.

Egoyan klutst daarvoor twee tijdniveaus dooreen - in het eerste zie je hoe het tienjarige meisje wordt ontvoerd en hoe haar vader (Ryan Reynolds) met het trauma omgaat en weigert te berusten. In het tweede, dat zich zes jaar later afspeelt, zie je hoe de verdwijningszaak uiteindelijk zijn ontknoping krijgt met Rosario Dawson en Scott Speedman als pedofielenjagers en zoveel groteske plotwendingen dan je Egoyan ervan begint te verdenken het genre nekhoog in de zeik te willen zetten.

Wat begint als een fascinerende, ijzige thriller vol onderhuidse suspense - denk aan The Sweet Hereafter geparfumeerd met een vleugje Twin Peaks - muteert in het tweede deel tot al dan niet zelfbewuste metacinemacamp, alsof Egoyan in de gauwte ook nog even een ondergesneeuwde versie van The Silence of the Lambs wil draaien maar niet verder komt dan de tochtige kelderverdieping waarin zich allerlei groteske clichés en karikaturen ophouden.

Geen idee of het Egoyans bedoeling was, maar het schizofrene The Captive is een stijlvol suspensedrama en een ridicule genreparodie ineen.

Dave Mestdach

Onze partners