Jenny Robb: De schatbewaarster van Casper en Hobbes

31/01/15 om 13:46 - Bijgewerkt om 13:46

De tentoonstelling over Casper en Hobbes op het festival van Angoulême was de eerste in Europa. Een gesprek met curator Jenny Robb, die een lang interview van de extreem discrete auteur mocht afnemen.

Jenny Robb: De schatbewaarster van Casper en Hobbes

Uit de expo Expo Calvin en Hobbes © Jorge Fidel Alvarez

Jenny Robb is naar Angoulême afgereisd als curator van het Billy Ireland Cartoon Library & Museum van de Ohio State University. Het is een van de grootste verzamelingen van originele strippagina's ter wereld en de plek waar bijna alle tekeningen van Casper en Hobbes worden bewaard. Tot verrassing van velen bevatte de catalogus van de Casper en Hobbes-tentoonstelling die zij samenstelde, ook een lang interview van haar hand met de schuwe auteur Bill Watterson.

Het is bijna dertig jaar geleden dat Watterson zich nog zo uitgebreid liet interviewen. Waarom nu?

Robb: Hij heeft me een interview van vier en een half uur toegestaan, misschien wel het langste dat hij ooit heeft gegeven. Ik denk dat hij dit nu wou doen omdat hij het gevoel had dat hij in zijn eigen teksten al zijn inspiratie over Casper en Hobbes had opgebruikt. Hij hoopte dat er door mijn vragen nieuwe elementen zouden opduiken.

Hoe ging dat interview?

Robb: Eigenlijk is het een heel gewone man. Als hij hier met je stond te praten, zou je hem niet vreemd vinden. Hij voelt zich gewoon heel erg ongemakkelijk als alle ogen op hem zijn gericht.

Tijdens het interview hebben we het onder andere gehad over zijn radicale keuzes om geen merchandising toe te staan en geen interviews te geven. Hij gaf toe dat er misschien andere en betere opties waren geweest, maar hij zag die indertijd niet. De enige manier die hij kon bedenken om te kunnen voortdoen met de strip, was een muur optrekken tussen zichzelf en de buitenwereld. Hij beseft ondertussen dat het hem ook enorm veel energie heeft gekost om die muur te handhaven, maar het was toen voor hem de enige mogelijke manier.

Hoe komt het werk van Casper en Hobbes bij jullie terecht?

Robb: Bill Watterson heeft ons zo'n tien jaar geleden alle originelen in bewaring gegeven. Het is een soort leenovereenkomst op lange termijn die ertoe zou moeten leiden dat we ook eigenaar worden van het werk. Dit is een heel speciale overeenkomst voor ons. We doen het bijna nooit op deze manier, omdat we er uiteraard veel werk in moeten stoppen en de overeenkomst moet ook regelmatig opnieuw bevestigd worden. Maar voor Casper en Hobbes hebben we niet getwijfeld.

Is het werk van Bill Watterson al vaker tentoongesteld?

Robb: Voor deze tentoonstelling die bij ons vorig jaar in première ging, is er maar één tentoonstelling geweest. In 2001 organiseerde het Billy Ireland Cartoon Library & Museum al een tentoonstelling. Die is toen alleen ook naar Het Cartoon Art Museum in San Francisco gereisd, waar ik toen curator was. De deal nu is dat wij initiatieven mogen nemen voor tentoonstellingen, want een van onze doelstellingen is om het werk aan het publiek te tonen, maar we moeten wel altijd toestemming vragen.

We hebben deze tentoonstelling eigenlijk gemaakt om onze nieuwe gebouwen in te wijden. Het initiatief daarvoor was al genomen voordat Watterson de Grand Prix won hier in Angoulême, maar het kwam dus wel prima uit dat we al een tentoonstelling hadden die naar Europa kon reizen. Watterson zelf heeft alleen de pagina's van enkele voorgangers gekozen die hem beïnvloed hebben. De pagina's van zijn eigen werk moest ik kiezen uit de meer dan 3000 originelen, een bijna onmogelijke opdracht.

Expo Calvin en Hobbes

Expo Calvin en Hobbes © Jorge Fidel Alvarez

Er zijn in de tentoonstelling 120 originele pagina's van Watterson te zien en daarnaast nog enkele strips uit Peanuts, Krazy Kat en andere klassiekers. Het verzekeringsbedrag moet enorm zijn.

Robb: Ik kan je geen precieze bedragen noemen, maar je weet hoe duur de originelen verkocht worden. (Onlangs werd een aflevering van Casper en Hobbes voor 200 000 dollar verkocht, gm.) Het is dus inderdaad een hoog bedrag, maar we vinden het belangrijk om de tekeningen te laten reizen, om ze aan veel mensen te tonen. Hier in Angoulême zullen evenveel mensen de tentoonstelling zien in vier dagen als er bij ons geweest zijn in de hele looptijd van vier maanden. We willen dat de mensen deze kunst kunnen bewonderen. Watterson is een van de allerbeste stripauteurs ter wereld en dat mogen de mensen zelf kunnen constateren.

Er zijn veel kinderen die de tentoonstelling bezoeken. Toch is de vormgeving heel strak en weinig speels.

Robb: Dat is een bewuste keuze. Je weet dat Bill Watterson altijd merchandising heeft tegengehouden. Hij wil dat zijn strips voor zichzelf spreken. Het is daarnaast onze bedoeling om strips als kunst te presenteren. We werken toch nog altijd in een context waarin dat niet vanzelfsprekend is. Zelfs de stripauteurs zelf zien hun werk niet altijd als kunst. Hier op dit festival zijn er natuurlijk ook veel schoolkinderen. Daar hebben we op een subtiele manier rekening mee gehouden. We hebben bijvoorbeeld de strips met weinig woorden onderaan gehangen en we hebben niet te veel tentoonstellingsteksten toegevoegd. We geloven wel in die minimale presentatie.

Gert Meesters

Onze partners