Ik netwerk, dus ik ben

29/03/10 om 11:57 - Bijgewerkt om 11:57

Bron: Knack Focus

Het boek 'Connected' toont hoe sociale netwerken de mens altijd al hebben bepaald én gelukkig gemaakt.

Connected ***

Nicholas A. Christakis & James H. Fowler, Uitgeverij Balans, 352 blz., ¤19,95

Van de oermensen die rond het kampvuur zaten te roddelen tot de opkomst van Facebook en Twitter: 'Connected' toont hoe sociale netwerken de mens altijd al hebben bepaald én gelukkig gemaakt.
Weet u hoe u het gemakkelijkst van uw rookverslaving afkomt? Of hoe u op een efficiënte en gezonde manier kunt vermageren? Neen, we hebben het hier niet over hypnosetherapie, nicotinepleisters of het soepdieet: de eenvoudigste manier om te stoppen met roken of kilo's te verliezen is om bevriend te worden met mensen die niet roken en/of mager zijn. Dat is althans de stelling die Nicholas A. Christakis en James H. Fowler lanceren in Connected, een boek waarin ze de kracht onderzoeken van de sociale netwerken die een mens in zijn of haar leven opbouwt.

Iedereen is met elkaar verbonden. In de jaren 60 toonden enkele Amerikaanse psychologen - in een experiment waarin ze via tussenpersonen brieven lieten versturen - al aan dat je om een willekeurige mens in de VS te linken aan een al even toevallig gekozen andere persoon je gemiddeld slechts zes stappen nodig hebt. In 2002 werd die theorie van de 'six degrees of separation' getest voor de hele wereldbevolking en ze bleek nog steeds stand te houden - de wereld is dus echt een dorp.

Volgens Christakis en Fowler zijn mensen echter niet alleen met elkaar verbonden, ze geven ook bepaalde eigenschappen en gewoontes door: wie bevriend is met niet-rokers of magere mensen, heeft meer kans om zelf ook niet te roken of mager te zijn. Ook geluk blijkt trouwens 'besmettelijk'. Die invloed beperkt zich bovendien niet tot je meest nabije vrienden, maar werkt door tot in de derde graad: ook als een vriend van een vriend van jouw vriend stopt met roken heeft dat een - weliswaar kleinere - invloed op jouw leven.

Logischerwijze besteden Christakis en Fowler ook aandacht aan de netwerken die de afgelopen jaren online zijn ontstaan, en ze tonen hoe dankzij de spelregels van de sociale interactie sites als Wikipedia of Twitter een succes zijn geworden . Tegelijk benadrukken ze dat Facebook en co vooral inspelen op een drang die de mens altijd heeft gehad. In verband met Facebook hebben ze bijvoorbeeld onderzocht hoeveel van de gemiddeld honderdentien vrienden die een Amerikaanse gebruiker heeft ook echte vrienden zijn.

Het resultaat: net geen zeven. De conclusie: 'Het lijkt er niet op dat online netwerken het aantal mensen met wie we ons echt verbonden voelen, uitbreiden, en ze versterken ook niet per se onze relaties binnen onze kerngroep. We worden nog steeds beknot door onze primatenneigingen en -mogelijkheden.'

Stefaan Werbrouck

Lees meer over:

Onze partners