"Het openlijk tentoonspreiden van persoonlijk leed levert zelden goede literatuur op"

08/05/12 om 16:41 - Bijgewerkt om 16:41

Bron: Knack Focus

Roderik Six vertelt hoe requiemromans als Libriswinnaar 'Tonio' vaak onterecht geprezen worden.

"Het openlijk tentoonspreiden van persoonlijk leed levert zelden goede literatuur op"

De Lage Landen raken de laatste jaren overspoeld met zwarte inkt. Hoe erg ook, het openlijk tentoonspreiden van persoonlijk leed levert zelden goeie literatuur op. Erger nog: uit mededogen voor de auteur zien critici foute lijkredes al te vaak door de in fluwelen handschoenen gehulde vingers. Toonvoorbeeld was Tonio waarin A.F.Th van der Heijden afscheid neemt van zijn verongelukte zoon maar de jammerlijke gelegenheid misbruikt om wat oude literaire vetes uit te vechten, zich zelfverheerlijkend in een poel van zelfmedelijden te wentelen en het vooral niét over Tonio te hebben. Maar ook Erwin Mortier bezong in Gestameld Liedboek bovenal zijn eigen navelpluis door de oprukkende dementie van zijn moeder te bedelven onder opgezwollen zinnen - stijl is alles, beweren de stilisten, maar als je je onderwerp begraaft in een oogverblindend praalgraf, ziet niemand nog het verdriet.

Sommige auteurs stutten zelfs een gans literair oeuvre met het heengaan van kind of echtgenoot. Kristien Hemmerechts debuteerde onwaarschijnlijk sterk met Een zuil van zout, het huiveringwekkend kille relaas van een doodgeboren baby. Later overleed haar man en dichtpaus Herman De Coninck, wat haar immuun maakte voor elke kritiek; dat Hemmerechts zichzelf met haar jaarlijkse keurige romannetje de literaire vergetelheid aan het inschrijven is, wordt angstvallig met de mantel der liefde bedekt. Haar Nederlandse pendant in de rouw, Connie Palmen, vergaat hetzelfde lot. Palmen toonde zich een sterke debutante maar beminde mannen die vroegtijdig het hiernamaals opzochten, wat haar de eeuwige weduwe maakte en haar thematiek vernauwde tot een karikaturaal dovemansgesprek met de dood.

Dat exhibitionisme niet per definitie slechte literatuur oplevert, bewees P.F. Thomèse met zijn aangrijpende Schaduwkind. Thomèse bewaart net wel die noodzakelijke afstand en houdt zich staande op het slappe koord - de misstap van meligheid weet hij kundig te vermijden. Ook Tom Lanoye bracht met zijn talig vuurwerkspektakel van Sprakeloos een geslaagde en toepasselijk theatrale ode aan zijn moeder.

Oog in oog met de grootste vijand houden alleen de scherpste pennen stand. Het wordt dan ook uitkijken naar Peter Terrins Post Mortem, een roman gebaseerd op een persoonlijk drama, die midden mei verschijnt. Zakdoek of mantel der liefde, we zullen het gauw weten.

Roderik Six

Onze partners